FBZ-achterban stemt in met Cao Ziekenhuizen

op .

In de nacht van 15/16 mei bereikten FBZ (waaronder de VHP-Zorg), FNV, CNV, NU’91 en de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) een principeakkoord voor een nieuwe cao, die geldt voor werknemers in een algemeen ziekenhuis of revalidatie-instelling.


In het akkoord is afgesproken dat werknemers gedurende de looptijd een salarisverhoging krijgen van 3,75%, eenmalige uitkeringen van in totaal € 525 (bij een voltijd dienstverband), en een verhoging van de vakantiebijslag van 8,0 naar 8,33%. Daarnaast is het generatiebeleid geïntroduceerd en worden medewerkers die mogelijk onregelmatigheidstoeslag tijdens vakantie hebben gemist, hiervoor gecompenseerd over de jaren 2012, 2013 en 2014. Verder zijn afspraken gemaakt over de pensioenaftopping, zijn belangrijke stappen gezet om de positie van aan medisch specialisten gelijkgestelde beroepsbeoefenaren te versterken (zoals klinisch psychologen) en is de lijst met kwaliteitsregisters die voor vergoeding in aanmerking komen, uitgebreid met vijf verenigingen.

Veelgestelde vragen
Alle 17 FBZ-verenigingen met leden onder de Cao Ziekenhuizen lieten weten dat hun leden met de nieuwe cao instemmen. Over een aantal onderwerpen werden vragen gesteld, hieronder volgen de meest gestelde:

  1 Wat houden de positioneringsafspraken voor aan medisch specialisten gelijkgestelde beroepsbeoefenaren precies in?
 In de Arbeidsvoorwaardenregeling Medisch Specialisten (AMS) zijn in hoofdstuk 8 (het statuut) onder andere afspraken gemaakt over de verantwoordelijkheid van medisch specialisten in relatie tot de individuele patiënt en hun medeverantwoordelijkheid voor de te leveren medisch specialistische zorg. Een belangrijke wens was om dat soort positioneringsafspraken ook voor gelijkgestelde beroepsbeoefenaren te laten gelden. Dat is gelukt: instellingen kunnen zelf afspreken of gelijkgestelde beroepsbeoefenaren voortaan deel uitmaken van de medische staf. Zij vallen daarmee onder de werkingssfeer van hoofdstuk 8 (Positionering) van de AMS, met uitzondering van artikel 8.4.4. (Budget Organisatorische Eenheden) en artikel 8.3.8 (Waarneming).


  2 Ik heb in de periode 2012-2014 mogelijk ORT tijdens vakantie-uren gemist, maar werkte toen bij een andere werkgever. Wat nu?
 Medewerkers die tussen 1 januari 2012 en 1 januari 2015 op onregelmatige tijdstippen hebben gewerkt, krijgen een eenmalige uitkering ter compensatie van mogelijk ten onrechte niet uitgekeerde onregelmatigheidstoeslag (ORT) over vakantie-uren. Die uitkering bedraagt 8,3% van de daadwerkelijk verdiende onregelmatigheidstoeslag in de jaren 2012, 2013 en 2014. Werkte u gedurende deze jaren bij een andere werkgever, dan moet uw toenmalige werkgever dit vergoeden. Maak hier zelf werk van!


Bron: FBZ