Zorgbalans 2014 gepubliceerd

op .

Afgelopen week is de Zorgbalans 2014 verschenen.

Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakt iedere vier jaar aan de hand van 140 indicatoren de balans op van de kwaliteit, de toegankelijkheid en de betaalbaarheid van de Nederlandse gezondheidszorg. Ontwikkelingen op het gebied van de ggz zijn:
• Er is een flinke stijging in de periode 2011 – 2013 van het percentage behandelingen in de ggz waarbij een behandeleffect is gemeten en waarvan de gegevens beschikbaar zijn gesteld voor benchmarken (blz. 108, 145-147)
• In ruim driekwart van de kortdurende behandelingen in de ggz voor volwassenen namen de klachten van de cliënt af (blz. 108, 147-148)
• Van alle personen die zich suïcideren is ongeveer 40% op moment van suïcide in behandeling in de ggz. Het absoluut aantal personen dat in behandeling is van de ggz en zich suïcideert, nam toe in de periode 2007-2012. Het nam echter minder snel toe dan het aantal mensen dat niet in behandeling is in de ggz en zich suïcideert (blz. 108, 160-162)
• Toepassing van vrijheidsbeperkende interventies in de ggz is gedaald tussen 2009 en 2012. Toch komt het regelmatig voor dat cliënten langdurig opgesloten of gefixeerd worden (blz. 108, 162-165)
• Meer dan 85% van de mensen die gebruik maken van kortdurende ambulante ggz zegt dat de behandeling de juiste aanpak voor hun klachten was en naar wens werd uitgevoerd (blz. 109, 171-172)
• Adviezen die het vaakst niet werden opgevolgd vanwege kosten waren volgens huisartsen labonderzoeken, medicijnen afhalen, ggz-bezoek, aanvullende onderzoeken zoals röntgenfoto’s en bezoek van andere eerstelijnszorg, bijvoorbeeld fysio (blz. 114)
• Bij het voorschrijven van antidepressiva schrijven veel huisartsen duurdere niet-generieke SSRI’s voor of middelen waarvan de effectiviteit in de eerste lijn minder is onderbouwd. Ook wordt er vaak vroegtijdig gestopt het met voorschrijven van antidepressiva. Bij antidepressiva kan het enige tijd duren voordat het beoogde effect optreedt (blz. 131)
• Cliënten in de langdurige ggz zijn het meest kritisch over de informatievoorziening, de mate van eensgezindheid onder begeleiders en het bijstellen van hun begeleidingsplan (blz. 176, 194-196)
• Ondersteuning vanuit de Wmo verbetert de ervaren zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie (blz. 176, 197-198)
• De productiviteit in de ggz is toegenomen maar inzicht in de toegevoegde waarde (gezondheidswinst) van de extra geleverde zorg ontbreekt (blz. 236, 264-265)
• Er zijn geen aanwijzingen voor het bestaan van verschillen in toegang tot de gezondheidszorg tussen etnische groepen bij veel voorkomende psychische stoornissen (blz. 291, 296)
• Voor dak- en thuislozen is de formele toegankelijkheid van medische basiszorg, met uitzondering van de tandarts, redelijk. Zorgmijdend gedrag speelt echter een belangrijke rol (blz. 291, 300)
Het volledige rapport is te downloaden via: www.gezondheidszorgbalans.nl.

Bron: GGZ Nederland